‘Beleggen in een wereldindex is als een fruithapje met driekwart appel’
Robbert Manders
april 2025
Een voor de buitenwereld goed bewaard geheim is dat we in ons kantoor meerdere keren per week bakjes fruit eten. Variërend fruit dat Etienne meestal haalt en dat Juul en/of ik in stukjes snijden, zorgvuldig over bakjes verdelen (Etienne vermoedt dat ik hierbij een keukenweegschaal gebruik) en met vorkje afleveren aan de bureaus van onze collega’s. Nu zijn er ook collega’s die niet al het fruit willen eten. Sommigen houden niet van druiven, sinaasappels of ananas (ongelofelijk maar ik verzin dit echt niet). Dus daar hou ik rekening mee, maar ik probeer het aanleggen van wensenlijstjes wel te ontmoedigen door het overgeslagen fruit niet te vervangen met wat anders. Ik denk dat mijn beleid werkt want de meeste collega’s eten wel al het fruit dat ze krijgen voorgeschoteld.
Bij beleggen is dat natuurlijk anders. Je kan als belegger prima kiezen waar je wil beleggen en in wat. Maar het lijkt erop dat de meeste Nederlandse beleggers met hun portfolio omgaan zoals mijn collega’s met fruit. DNB heeft met data van brokers een lijst gemaakt van de 25 fondsen waarin Nederlandse beleggers het meeste geld in hebben zitten. Op 1 staat een wereldwijd aandelenfonds van Blackrock (€5,6mrd). Het eerste niét wereldwijde aandelenfonds is een S&P 500 ETF van Vanguard (#11, €1,6mrd). Pas op plek 20 staat het eerste Europese fonds, waar overigens slechts 768 miljoen euro in is belegd door onze medelanders.
Ik zou bijna denken dat heel beleggend Nederland is opgevoed met mijn bakjes fruit, alsof je niets mag uitsluiten omdat je anders wat mist. Maar de MSCI World index, waar de meeste wereldfondsen van zijn afgeleid, zit (per 31 maart) voor 72% in Amerikaanse aandelen. Alsof je een fruithapje eet met een overdaad aan appel terwijl er ook mango, ananas en banaan beschikbaar is. Nu ben ik niet tegen appels, maar 25% vind ik meer dan genoeg. Daarnaast is die hele Amerikaanse beurs zwaar afhankelijk van wat er in het Witte Huis gebeurt, zeker op het gebied van belastingen en regulering.
Dan zijn er nog aanvullende risico’s met wereldwijd beleggen: de valuta. Dit risico is niet louter theoretisch; de Amerikaanse dollar is door de dreigende (of actieve?) handelsoorlog met zo’n 10% gezakt ten opzichte van december. Een allocatie van driekwart is wat mij betreft te veel eieren in één vreemd valutamandje.
Japan (#2 gewicht in MSCI World index) heeft een gigantische staatsschuld en een (daardoor) volatielere valuta. En dan zwijgen wij nog over de dreiging van een regionaal conflict met China. Toch maar Europa dan?
De Europese beurs is – geografisch gezien – meer divers dan de wereldindex. Het grootste gewicht in de MSCI Europe is het VK met 23%. Daarnaast zijn de meeste Europese bedrijven ook nog internationaal actief omdat het eigen land vaak een relatief kleine afzetmarkt heeft.
Dus waarom niet wat extra Europa? Zo herstelt de balans in de portfolio en wie weet is het resultaat nog beter ook. Beleggen is immers niet hetzelfde als mijn fruithapje eten. Kiezen mag, geforceerd ‘spreiden’ hoeft echt niet.



